Wat als een afwijking van het omgevingsplan (bopa) wordt verleend zonder het verplichte advies van de raad?
In de Omgevingswet is geregeld dat de gemeenteraad vooraf gevallen kan aanwijzen waarin een bindend advies van de raad nodig is voordat een afwijking van het omgevingsplan (bopa) wordt verleend. Het bevoegd gezag moet zich aan het door de raad uitgebrachte advies houden, bij een negatief advies dient de aanvraag dus geweigerd te worden. Voor niet-aangewezen gevallen heeft de gemeenteraad geen adviesrecht.
In de uitspaak van 19 december 2025 (gepubliceerd op 4 februari jl.) over de gemeente Drimmelen komt de vraag aan de orde wat de rechtsgevolgen zijn als een bopa zonder het verplichte advies van de raad wordt verleend, of dat hersteld kan worden en op welke wijze. De gemeenteraad van Drimmelen heeft gevallen aanwezen waarin een bindend advies van de raad vereist is. B&W van Drimmelen verlenen echter een bopa zonder vooraf advies aan de raad te vragen terwijl het wel een geval betreft waarover de raad vooraf heeft aangegeven een bindend advies uit te willen brengen. In bezwaar proberen B&W het gebrek te herstellen en vragen zij alsnog advies aan de raad. De raad brengt een positief advies uit voor de hoorzitting in bezwaar en de vergunning wordt in de beslissing op bezwaar in stand gelaten gelet op het alsnog uitgebrachte advies van de raad.
De bezwaarmakers gaan in beroep. In beroep oordeelt de rechtbank Zeeland -West-Brabant in de eerste plaats dat het gebrek in de beslissing op bezwaar kan worden hersteld omdat in bezwaar een volledige heroverweging plaatsvindt. In bezwaar kun je volgens de rechtbank dus herstellen dat je de vergunning in eerste instantie had verleend zonder het vereiste advies van de raad.
De rechtbank oordeelt in dit geval echter ook dat de raad niet volledig was geïnformeerd. De gemeenteraad beschikte namelijk niet over het volledige bezwaardossier (zoals de bezwaren, het verslag van de hoorzitting en het advies van de bezwaarschriftencommissie) omdat de raad het advies al gaf vóórdat de hoorzitting in bezwaar plaatsvond. De rechtbank oordeelt daarom in een tussenuitspraak dat er een gebrek kleeft aan de bopa en stelt B&W in de gelegenheid het gebrek te herstellen. Bij herstel van het gebrek in bezwaar kan de raad dus pas een advies geven nadat over alle stukken van het bezwaardossier wordt beschikt.
In dit geval zijn B&W het echter niet eens met de strekking van de tussenuitspraak, zij vinden dat de betekenis van het advies van de raad te veel wordt opgerekt. B&W verzoeken de rechtbank na de tussenuitspraak het gebrek te passeren. In de einduitspraak oordeelt de rechtbank dat B&W het gebrek niet hebben hersteld en is de beslissing op bezwaar vernietigd.
Gelet op het standpunt van B&W in beroep valt niet uit te sluiten dat B&W in hoger beroep gaan tegen de uitspraak. We zullen af moeten wachten wat het oordeel van de Raad van State zal zijn.
Is een principebesluit op grond van de Omgevingswet wel of niet voor rechtsbescherming vatbaar?
Indien de raad zijn bereidheid uitspreekt om een ontwikkeling in het bestemmingsplan/omgevingsplan mogelijk te maken of B&W bereid zijn een ontwikkeling in afwijking van het bestemmingsplan te vergunnen, dan noemen we dat een principebesluit. Met het principebesluit wordt de ontwikkeling nog niet mogelijk gemaakt en vergund, maar geeft het bevoegde gezag uitsluitend aan een positieve grondhouding te hebben over een ontwikkeling. Omdat er geen rechten, verplichtingen of bevoegdheden door een principebesluit veranderen, is een principebesluit niet op rechtsgevolg gericht en konden onder de werking van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) geen rechtsmiddelen (bezwaar, beroep en hoger beroep) tegen een principebesluit worden ingesteld.
In een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 3 februari jl. komt de vraag aan de orde of een principebesluit onder de werking van de Omgevingswet misschien wel vatbaar is voor rechtsbescherming. De rechtbank oordeelt van niet om dezelfde redenen die voor een principebesluit op grond van de Wabo gelden. De inwerkingtreding van de Omgevingswet lijkt dus geen wijziging van de beoordeling van een principebesluit tot gevolg te hebben gehad.